Liefde belangrijker dan geld en economische groei

Organisaties willen graag dat klanten, relaties en overige belangstellenden hen vertrouwen, maar dat is lastiger dan ooit tevoren. Steeds meer organisaties komen negatief in het nieuws door: integriteitskwesties, producten met gebreken, bedrijfsprocessen die fout gaan, in- of extern gedrag waarbij je vraagtekens kunt zetten.

Denk verder aan acties die door burgers of klanten tegen de organisatie worden ondernomen, schadeclaims etc. Steeds meer mensen zijn niet meer betrokken bij het werk wat ze doen en zoeken naar voldoening of zingeving.

Gebrek aan liefde     

Volgens Cor Hospes komt het door een gebrek aan liefde in organisaties. Liefde voor elkaar als medewerkers, liefde voor de producten of diensten waar men medeverantwoordelijk voor is en liefde voor de klanten die er gebruik van (willen) maken. Door het kapitalistische systeem, procesmatige control en efficiency dat geen ruimte (meer) biedt voor autonomie en creatieve vrijheid ten behoeve van werknemers, zijn ze verworden tot functionele wezens. Zo worden ze ook door managers aangestuurd. Hospes constateert dat daardoor zielloze organisaties zijn ontstaan. En zielloze organisaties kun je redelijk snel spotten door de media te blijven volgen. Komen organisaties negatief in het nieuws omdat ze ander gedrag laten zien dan wat ze beweren of beloven, dan weet je dat je beet hebt. Hij schreef er een boek over: ‘Hart voor zaken. Hoe bouw je een liefdevolle organisatie.’

Andere wereld

Volgens de auteur wordt het hoog tijd hiervoor. Organisaties waar sprake is van een menslievende cultuur en vertrouwen, betrokken en verbonden medewerkers die met elkaar samenwerken aan een hoger doel. Als er geen liefde is, waar gaat het leven dan nog over? Leven doe je ook op je werk, sterker nog, je bent voor een groot deel van je leven aan het werk. Je zou denken dat we met dezelfde liefdevolle instelling zoals we ons thuis (privé) gedragen bij onze partner, kinderen, vrienden of familie, ook elke ochtend de drempel van kantoor overstappen. Maar nee, op dat moment gebeurt er iets heel opmerkelijks: we zetten een knop om en gedragen ons zodra we bij de koffieautomaat zijn beland ineens anders en ook het taalgebruik verandert. We doen alsof het de normaalste zaak van de wereld is op de automatische piloot mee aan taalspelletjes, rijkelijk gevuld met jargon waarvan veel woorden niet eens uit de Nederlandse taal afkomstig zijn. In talrijke organisaties, en de daar aanwezige vakgebieden is hierdoor een mistlaag ontstaan, waardoor we niet eens meer in staat zijn om te benoemen waar we met elkaar precies mee bezig zijn en waarom. Laat staan dat je bij problemen tot de kern kunt doordringen, en de juiste mensen vindt die in den beginne de verantwoordelijkheid op zich (zouden moeten) nemen.

In een eerder verschenen boek van Rob Huisman wordt dit verschijnsel als volgt verklaard: Organisaties hebben ongeacht hun omvang de natuurlijke neiging om een eigen schijnwerkelijkheid te creëren. Er wordt op een bepaalde manier naar de klant gekeken, naar de markt, naar de eigen bijdrage aan vooruitgang en niet te vergeten naar de ogen van de baas. Wie binnenkomt en promotie wil maken, past zich maar beter snel aan en speelt het spel mee. Carrière maken doe je binnen niet buiten. Die schijnwerkelijkheid bepaalt in aanzienlijke mate het gedrag van leidinggevenden en hoe zij communiceren. Hospes doet daar een waardevolle aanvulling op door de stelling van filosoof Martin Buber aan te halen in zijn boek dat er tussen jou en de ander alleen echt contact ontstaat als er herkenning en erkenning is. Elkaar zien en ontmoeten dus. Buber noemt dat ‘ik’ en ‘jij’. Als de ik niet de jij ziet, maar de ‘het’, iemand die alleen de werknemer is, een collega voor dat moment, een ondergeschikte soms zelfs, dan is er geen ontmoeting, en dus ook geen liefde. Als je mensen buiten de deur houdt en ze als anoniem beschouwt, voel je de eigen gevoelens van schaamte, schuld en eenzaamheid niet. Het hoeft dan niet te schuren, maar het levert ook geen echt contact, of levensles op. Dan hoef jij de behoefte aan liefde, aan troost, niet te tonen. Dat is de reden waarom mensen zich   op kantoor anders gedragen en verstoppen in rollen en functies.’

Levenselixer  

Als het over liefde gaat, speelt dit binnen een organisatie een net zo’n grote rol als bij je thuis, of waar je ook bent. Het vraagt wel om een andere mentaliteit waarbij een belangrijke verantwoordelijkheid ligt bij leidinggevenden die het goede voorbeeld moeten geven. Zij moeten ook worden gedreven door een liefde voor een hoger doel. Ze hebben een duidelijke missie. Niet per se om dan meer producten of diensten te kunnen verkopen. Je kunt het ook niet compenseren door bepaalde functies of rollen te bedenken zoals een Chief Happiness Officer door mensen vrolijk(er) te maken. De gedachte dat je daarmee de omzet verhoogt is bullshit. In zijn dankwoord blikt Hospes ook vijf jaar terug toen hij bij de uitgever met het idee kwam om over dit thema een boek te schrijven. Iedereen bleek het toen nog een vreemd voorstel te vinden. Als je in het boek leest welke andere omschrijvingen er aan liefde gegeven kunnen worden, behalve termen als eeuwigdurende vriendschap, romantische etentjes en amoureuze seks, is dit levenselixer inmiddels een noodzakelijke voorwaarde. Of zoals Ron van Es in zijn recensie over dit boek eerder schreef: De liefde is geduldig en vol goedheid. De liefde kent geen afgunst, geen ijdel vertoon en geen zelfgenoegzaamheid. Ze is niet grof en niet zelfzuchtig, ze laat zich niet boos maken en rekent het kwaad niet aan, ze verheugt zich niet over het onrecht maar vindt vreugde in de waarheid. Alles verdraagt ze, alles gelooft ze, alles hoopt ze, in alles volhardt ze.’ Het geeft de organisatie een ziel met loyale, betrokken en gemotiveerde medewerkers die door wie of waar dan ook wordt vertrouwd.

Het boek gaat over ethiek en gezond verstand en biedt veel inzichten, vaak afkomstig van personen die vanuit de ondernemersklei hun ervaringen delen. Inzichten die ze vaak opdeden nadat het privé of zakelijk misging. De manier waarop organisaties worden gemanaged en hoe ze communiceren moet op de schop, daar is geen ontkomen meer aan. De vraag is hoelang deze mentaliteitsverandering en het verhaal dat erbij hoort gaat duren. Een aanrader is dit boek zeker, ik heb het met liefde gelezen!

Related Posts